#

Nieuws

Nieuws overzicht
#

Verhaal achter de platenhoes - For girls who grow plump in the night (1973) - CARAVAN

"Jarenlang heb ik me afgevraagd wie de vrouw is die op deze hoes 's nacht ligt dik te worden, omdat ze zwanger is. Eindelijk heb ik het antwoord gevonden. Voor het eerst het schoppen van een voetje van de baby tegen de wand van de buik van de moeder, mijn vrouw, voelen. Het is één van de tederste momenten uit mijn leven. Wellicht dat de hoes me daarom zo aanspreekt. Ik zie ons daar nog zo liggen met een wereldburger die iets van zich laat horen. Wachtend op het moment dat hij naar buiten mag. Ons kind. 'For girls' gaat mee in de koffer als ik naar een onbewoond eiland ga. Het is wat mij betreft nog steeds een van de beste lp's uit de jaren zeventig en van de progrockmuziek. Er zitten prachtige ritmes in met geweldig drumwerk van Richard Coughlan (die inmiddels is overleden). Mooie solo's van Peter Geoffrey Richardson op de elektrische viool en Dave Sinclair op de keyboards. En prachtige teksten van zanger en gitarist Pye Hastings. Alles klopt op deze lp. De levensstijl van de mannen uit Canterbury heb ik in mijn hart gesloten. 'Het leven is te kort om droevig te wezen. Ik heb mijn pijp en ik heb mijn muziek en ik heb liefde om me gelukkig te voelen. Dat is het enige wat ik wil en wat ik nodig heb'; zingt Hastings op deze lp. Deze hoes uit 1973 symboliseert dat gevoel. Als je nu, in 2022, naar deze hoes kijkt, besef je dat deze vrouw ruim 70 jaar zal zijn. Het ongeboren kind bijna 50 jaar. Leven zij nog en heeft het ongeboren kind ook weer kinderen gekregen? Voordat je het weet, vliegt het leven aan je voorbij. 'Verspil je tijd niet met sikkeneurig zijn en ontplooi jezelf', is het motto van Hastings in zijn teksten. Het is ook wel typisch iets uit die tijd, de jaren zeventig, waarin jongeren moesten 'bijkomen' van de wilde jaren zestig en naarstig op zoek gingen naar hun eigen identiteit en die van hun groep. Het was de tijd van de toenemende welvaart. Het ging ons allemaal beter dan voorheen. Bovendien kreeg iedereen meer vrije tijd dan ooit. Vrije tijd om je met lezen en muziek bezig te houden. Het was een zeer creatieve periode voor veel mensen. Er ontstond een diversiteit aan stromingen. Neem de muziekwereld. Symphonische rock, jazz-rock, nichten-rock, reggae, punk, new wave. Waar moest je je nu in vredesnaam mee identificeren? Het werd een zoektocht naar jezelf, naar je ware ik. 'Tekens uit de buitenwereld, zoals een duif met een gebroken vleugel, moeten je helpen naar wie je werkelijk bent,' zingt Hastings in het eerste nummer. Nu hoef ik daar bij het kind dat dertig jaar geleden in de buik van mijn vrouw zat, niet meer aan te komen. Maar dertig jaar geleden vond ik dat soort teksten prachtig. Al fietsend in de buurt van Canterbury kwam ik destijds een bordje aan lantaarnpaal tegen met de tekst; ' Koester de diamantjes in je achterhoofd'. Het bordje zou door Pye Hastings opgehangen kunnen zijn. O ja, ik zou bijna vergeten te vertellen wie de vrouw op deze hoes was. Het blijkt Kate Allen, de vrouw van bassist John G. Perry, te zijn. Haar kind, 'de Caravan Baby', was Emma Allen. Oorspronkelijk zou Kate zonder pyjama op de hoes komen. Maar dat werd als te gewaagd beschouwd door manager Terry King. In een muziekblad verscheen toch een foto van de blote Kate, begeleid door een artikel met de vraag: 'Wat is er smakeloos aan een prachtige, ingetogen foto van een zwangere vrouw?' Het artikel met de foto staat op de fanclubsite 'Cocacamp' van Caravan. Mocht Pye Hastings nog eens optreden in de Boerderij dan zal ik eens vragen of hij zijn ware ik heeft gevonden. Voor mij geldt dat ik nog even verder ga zoeken."

Door Gerrit-Jan Vrielink

Met dank aan Jasper A. Smit van de Continental Caravan Campaign (CoCaCamp*), de Caravan-fanclub.

OP DE HOOGTE BLIJVEN

MELD JE AAN VOOR DE NIEUWSBRIEF EN ONTVANG INSPIRATIE, NIEUWS EN DE AGENDA DIRECT IN JE MAILBOX.