Verhaal achter de platenhoes – Porcupine (1983) – Echo & The Bunnymen

Als je haar maar goed zit. De uitspraak was zanger en gitarist Ian McCulloch van Echo & the Bunnymen op het lijf geschreven. Hij wilde per se dat zijn kapsel goed zat voor deze foto voor de hoes van Porcupine. De foto is gemaakt in IJsland. Het was stervenskoud bij de Gullfos waterval, tachtig kilometer ten noordoosten van Reykjavik. De bandleden en fotograaf Brian Griffin vroren bijna dood. Het water van de waterval bevroor op de jassen en op hun lichaam. Maar McCulloch stond erop dat er pas een foto gemaakt werd als hij het zei. Het werd een prachtige foto. Maar het scheelde niet veel of de New Waveband Echo & the Bunnymen had niet meer bestaan.

En het avontuur was nog niet over. De bandleden wilden na de fotosessie zo snel mogelijk naar Engeland terug. Maar door het extreme weer viel de elektriciteit op het vliegveld uit. Kaarslicht en alcohol hielden de bandleden op de been. Stomdronken stapten ze uiteindelijk in het vliegtuig. Het opstijgen lukte niet. Tot drie keer toe moest het vliegtuig terug naar de landingsbaan. Toen ze eindelijk in de lucht hingen op weg naar Engeland kregen ze walvisgehakt als ontbijt voorgeschoteld. Het leidde wel tot een hechte vriendschap met fotograaf Brian Griffin.

Het idee om naar IJsland te gaan kwam van manager Bill Drummond. Drummond was gefascineerd door het land, schrijft hij in zijn autobiografie. “IJsland is niet de Oude Wereld maar ook niet de Nieuwe Wereld. Het is een land vol met magie van de goden Odin en Thor…’ Gitarist Will Sergeant heeft een minder prozaïsche versie: “De fotosessies voor de hoezen waren vakantie-uitjes van onze manager. Drummond wilde graag een keer naar IJsland om met een paar IJslandse meiden in een heet-waterbron te kunnen zitten”, verklaarde Sergeant.

Zo zijn er vergelijkbare fotosessies geweest in Zuid Wales (Porthcawl Beach in Mid Glamorgan voor Heaven Up there) en in Zuid-Engeland (in een grot in St Neot in Cornwall voor Ocean Rain). De hoezen hebben allemaal hetzelfde thema. Vier jonge mannen op een missie. Het doet me denken aan het reisgezelschap van Frodo en zijn maten van de film ‘In de ban van de Ring’.

Will Sergeant vond IJsland maar niks. “Alleen maar schapen, schapen en schapen. En koud. Erg koud. Van een ontluikend bloemetje in de lente wordt een IJslander al lyrisch. Maar je ervaart daar wel de absolute vrijheid. IJslanders zijn een onafhankelijk volk en dat willen ze graag zo houden.”

Het blijft aparte muziek op deze lp. Porcupine is geen gemakkelijk luisteralbum. De aparte zang van McCulloch, geluiden van de Indiase violist Shankar en hier en daar een trompet maken de lp in eerste instantie minder toegankelijk. Het is de meest autobiografische lp van zanger Ian McCulloch, die velen in de gordijnen joeg met zijn scherpe tong.

Platenmaatschappij WEA vond het eerste concept niet commercieel genoeg. Bizar genoeg waren de overige bandleden, met uitzondering van McCulloch, het hiermee eens en gingen ze terug naar de studio voor een tweede poging. Maar het resultaat is uiteindelijk de moeite waard. Obscure muziek, die je doet verlangen naar een heet-waterbron (al dan niet met IJslandse meiden).

Door Gerrit-Jan Vrielink